Naar de navigatie

Isoleren van gevels en daken

Oude boerderijen zijn niet geïsoleerd. Ook het bedrijfsgedeelte, het gedeelte waar de oogstopslag of de stallen zich bevinden, is in originele staat alles behalve comfortabel. Nieuwe gebruikers of bewoners zullen daarom al snel de mogelijkheden voor isolatie onderzoeken. Het Bouwbesluit dwingt hen daar overigens niet toe (zie hieronder). Zolang het gebouw wind- en waterdicht is, kan de oude situatie worden gehandhaafd. En met authentieke oplossingen zoals een tochtgordijn, -portaal en luiken kan in een boerderij vaak ook een acceptabel binnenklimaat worden gerealiseerd. Het plaatsen van isolatieglas of het isoleren van de houten begane grondvloer leveren ook vaak een flinke verbetering op van het comfort.

Aandachtspunt historische interieurs
Over het algemeen wordt het isoleren van de gevel aan de buitenzijde afgewezen omdat dit het historische beeld aantast. Maar ook isolatie aan de binnenzijde stuit op bezwaren als de boerderij nog beschikt over een historisch interieur. Een creatieve oplossing kan zijn om het voormalige woongedeelte van de boerderij dan de functie van (onverwarmde) slaapkamer te geven. Om het comfort te verhogen maken de bewoners in koude periodes gebruik van de bestaande luiken en (zware) gordijnen aan de binnenzijde. Andere verblijfsruimtes kunnen dan in het (wel verwarmde) bedrijfsdeel worden gesitueerd.

Aandachtspunt bestaande kozijnen
In sommige gevallen kan het comfort worden verbeterd door (alleen) het enkel glas te vervangen. Belangrijk voor een monument is dat bestaande kozijnen en raamindeling behouden blijven. Er bestaat tegenwoordig dun glas met hoge isolatiewaarde dat bij historische gebouwen in de originele kozijnen kan worden geplaatst. Op die manier kan ook de zogenaamde koudeval tegengegaan; het effect dat ontstaat omdat warme lucht bij grote raampartijen afkoelt en vervolgens naar beneden 'valt', waardoor het lijkt of er tocht ontstaat.

Aandachtspunt ruimtelijkheid bedrijfsdeel
Als de nieuwe gebruikers een zolderverdieping in het bedrijfsdeel of de schuur in gebruik willen nemen voor wonen of werken (het Bouwbesluit spreekt dan van een 'verblijfsruimte') vraagt isoleren om slimme oplossingen. Aan de buitenzijde van gevel en dak moet immers zo min mogelijk veranderen. Dat geldt niet alleen voor de gevel, bij veel historische gebouwen hebben juist het dakvlak en de dakconstructie hoge monumentale waarden. De traditionele manier om het comfort te verhogen en een andere indeling te maken, is door de open ruimte in te delen in kleinere eenheden, en gevel en daken te isoleren om warmteverliezen tegen te gaan (in vaktermen: compartimenteren en thermisch isoleren). Als het monumentale karakter vraagt om de historische bouwconstructie en de ruimtelijkheid in zicht te houden, kan dat soms worden opgelost door nieuwe gebruiksruimtes te maken die op zichzelf staan en dus los blijven van de bestaande constructie in het gebouw. Dat noemen we zogenaamd doos-in-doosbouwen. Er worden nieuwe, aparte ruimtes gerealiseerd die ook een eigen verwarming en ventilatiesysteem krijgen. Een andere manier om de constructie in zicht te houden is door transparante, isolerende elementen op maat te maken waardoor het oorspronkelijke dak in zicht blijft. Het nadeel van doos-in-doos en maatwerkelementen is dat ze relatief duur zijn. 

Bij een pannendak doet zich soms de mogelijkheid voor om isolatie aan te brengen aan de buitenzijde, op het dakbeschot. Daarvoor moeten de bestaande pannen tijdelijk worden verwijderd om isolatiemateriaal aan te brengen. Tegenwoordig bestaan nieuwe dunne isolatiematerialen waarmee het risico dat de monumentale waarden worden aangetast door een te dik isolatiepakket wordt vermeden. Het alternatief is isolatie van binnenuit aan te brengen tussen de gordingen. In de praktijk blijkt het aanbrengen van een dampremmende laag echter lastig, vooral bij de kapspanten.

Isolatie is vakwerk
In historische gebouwen vraagt het onvoorspelbare gedrag van vocht om aandacht: vocht kan tot constructieve schade leiden en verlies van bouwmaterie. Vraag daarom altijd om deskundig advies. Als het gebouw goed kan worden geïsoleerd op een moderne manier is aan te raden dat ook te doen. Isoleren is een maatregel die in de regel binnen enkele jaren is terugverdiend, en isolatiemateriaal heeft een veel langere levensduur dan de verwarmingsinstallatie.

Het Bouwbesluit over het isoleren van gevels en daken
De isolatiewaarde van de gevel wordt in het Bouwbesluit thermische prestatie genoemd, en uitgedrukt in een Rc-waarde. Hoe hoger dat getal, hoe beter de gevel isoleert. Bij herbestemmen zijn er vier mogelijke situaties. A. U wijzigt de gevel niet. Dan stelt het Bouwbesluit geen eisen, er wordt immers niet ‘gebouwd’. B. Uwijzigt de gevel gedeeltelijk (lees: u vervangt deze niet geheel) en deze heeft in de huidige staat een isolatiewaarde van minder dan Rc=1,3. Dan stelt het Bouwbesluit dat de gevel zodanig moet worden aangepast dat deze minimaal een Rc-waarde van 1,3 haalt. Dat is de minimale eis bij verbouw. C. Zoals in B maar dan in de situatie dat de bestaande gevel nu al beter isoleert dan Rc=1,3. Het Bouwbesluit stelt dan dat u de situatie niet mag verslechteren. U moet dus de bestaande, hogere isolatiewaarde aanhouden. D. U vervangt de gevel geheel of voert een uitbouw van woonkamer, keuken of dakopbouwuit. In dat geval moet het nieuwe bouwdeel voldoen aan de nieuwbouweisen (Rc=3,5).