Naar de navigatie

Omgangsvorm 2

De meeste vertrekken worden gekoesterd (ruimtelijke structuur) inclusief waardevolle interieurcomponenten, -afwerkingen (geen roerende objecten) 

Toch komt het zelden voor dat een herbestemming kan worden gerealiseerd zonder enige aanpassingen aan het interieur. Vrijwel in overeenstemming met musealisering, maar met minimale vernieuwing is het koesteren van alle vertrekken inclusief de waardevolle interieurcomponenten en -afwerkingen, maar exclusief de roerende objecten. Behouden blijven de ruimten (structuur, onderlinge relatie en de ruimtelijke verhoudingen) met de afwerking daarvan (wanden, vloeren, plafonds) en de bijbehorende bestandsdelen als deuren, schouwpartijen, installaties, ingebouwd meubilair et cetera. Onderhevig aan vernieuwing is de inrichting van de vele vertrekken met roerende zaken (stoffering, meubilering en inrichting). Een voorbeeld hiervan zijn de vernieuwingen in het Luxortheater in Arnhem. Het voormalig bioscooptheater is in 2008 in gebruik genomen als poppodium/ concertzaal. Omdat de nieuwe functie goed past bij de uitgangspunten van het oorspronkelijke ontwerp en de strengere eisen van deze tijd hebben geleid tot slimme integrale oplossingen is de waarde van het monument niet aangetast.

Ook het voormalige bankgebouw van architect K.P.C. de Bazel aan de Vijzelstraat in Amsterdam is getransformeerd met minimale vernieuwing. De Bazel is een zogenoemd 'Gesamtkunstwerk' (zie Inleiding) en is tot en met de interieurs en meubels ontworpen. In het introverte karakter van de voormalige bank is een publieke functie ingebed, maar in de stijlkamers, de directie- en vergadervertrekken op de tweede en derde verdieping, is de vroegere banksfeer goed bewaard gebleven.

Een ander voorbeeld van een herbestemming met minimale vernieuwingen in het interieur is het voormalige kantongerecht in Steenwijk. De Rechter van Steenwijk is voor het symbolische bedrag van 1 gulden met een restauratie- en gebruikersplicht verkocht. Sinds 1992 is het rijksmonument in gebruik als brasserie, restaurant, café en trouwlocatie. De nieuwe functies konden worden gerealiseerd met behoud van de zogenaamde ‘harde’ binnenkant.

In de omgang met interieurs kan men onderscheid maken tussen de harde en zachte binnenkant van een gebouw. De afwerking van vloeren, wanden en plafonds is doorgaans verbonden (gespijkerd, gemetseld of verlijmd) aan de constructie en daardoor moeilijker te verwijderen dan zachte elementen. Vloerkleden zijn veel makkelijker te verwijderen doordat zij los liggen en relatief gemakkelijk afneembaar zijn.