Naar de navigatie

Scholing

Herbestemming is een groeimarkt voor de interieurarchitecten. Van de beroepsgroep zullen we steeds meer gaan horen, stelt Nationaal Programma Herbestemming in het nieuwsbericht van september 2011. De relatief kleine beroepsgroep is flink aan het professionaliseren. In 2011 had de Bni 400 leden terwijl de Bond van Nederlandse Architecten (BNA) in datzelfde jaar 3000 leden telde. 

Er zijn in Nederland acht hogescholen die opleiden tot interieurarchitect. Dit zijn de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam, ArtEZ in Zwolle, Academie Minerva in Groningen, Academie AKV | St. Joost in Breda, de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag, de Willem de Kooning Academie in Rotterdam, de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en de Academie Beelden Kunsten Maastricht (zie website bni). De herziene Wet op de architectentitel (WAT) heeft ervoor gezorgd dat de opleiding voor interieurarchitecten qua niveau gelijkgeschakeld is met die van architecten, stedenbouwkundigen, tuin- en landschapsarchitecten. Interieurarchitecten moeten, voordat zij zich kunnen inschrijven in het architectenregister, over het vereiste (master)diploma beschikken, maar ook een beroepservaringsperiode van twee jaar hebben doorlopen. In totaal dus acht jaar vorming.

Om in een herbestemmingsproces de rol van interieurarchitect goed in te kunnen vullen moet de scholing van de interieurarchitecten moet niet alleen gericht zijn op de ontwikkeling van eigen ideeën, geredeneerd vanuit een tabula rasa situatie. De scholing moet ook kennis en vaardigheden behelzen over de omgang met bestaande interieurs. Kees Spanjers geeft aan dat iedereen; interieurarchitecten, architecten, opdrachtgevers en ieder ander, zich nog veel meer bewust zou moeten zijn van de culturele waarde van onze directe omgeving (2003). Om op een markt te kunnen opereren waar bestaande woningen worden hergebruikt en nieuwe worden aangepast, moet ruimtelijke en constructieve kennis het winnen van de cosmetische modes van de stylist (De Kluijver, 2008, p. 12). Marco Groenen, zelf werkzaam als ontwerper, vindt dat interieurarchitecten moeten beschikken over analysevermogen, programmatisch inzicht, een open mind en voldoende creatieve kwaliteit. Een goede interieurarchitect kan nieuwe oplossingen voor bijvoorbeeld flexibiliteit in een vernieuwend totaalconcept aangedragen, zonder in een dwingend keurslijf te worden gestopt (De Kluijver, 2008, p. 12).

Bronnen

  • Kluijver, H. de (2008) Ogenblikken. Een persoonlijke kijk op (interieur)architectuur. Beroepsvereniging Nederlandse Interieurarchitecten.
BijlageGrootte
Spanjers, K. (2003) Hedendaagse interieurarchitectuur. In: SHNI Nieuwsbrief 5, gepubliceerd juni 2003.43.44 KB