Naar de navigatie

Selectie en prioritering

Kunnen schaarse subsidies voor behoud en restauratie van erfgoed in krimpgebieden nog langer toegedeeld worden op basis van een waardestelling alleen? Moet de toedeling niet ook worden gekoppeld aan de vooruitzichten op een duurzame exploitatie en aan draagvlak? En aan inzet voor behoud ervan onder de bevolking, of aan de beheervisie voor een gebied? Of groeien we toe naar graduele beschermingsniveaus, waarbij we bepaalde monumenten (gedeeltelijk) loslaten? De karakteristiek van het monument is dan niet langer bepalend voor de functie, maar de marktvraag bepaalt het gebruik van het monument. Waarbij we alleen datgene restaureren dat noodzakelijk is voor de nieuwe functie.

Een stap verder nog ligt selectie ten behoeve van sloop of ruïnevorming. Een andere optie is het conserveren van monumenten in afwachting van 'betere tijden' (wind- en waterdichtregelingen). Maar ook dat kost geld en zal niet in alle gevallen uitkunnen. Selectie en prioritering lijken onvermijdelijk. Tal van gemeenten en verschillende provincies proberen om die reden meer grip te krijgen op de vraag welke monumenten nu en straks in de gevarenzone komen.

Als het om kerkgebouwen gaat, worden beslissingen over behoud, afstoten en herbestemming in de praktijk al steeds vaker genomen voor groepen van kerkgebouwen, in plaats van individuele gebouwen. Zie selecteren of clusteren in het kennisdossier religieus erfgoed.

BijlageGrootte
Tink om 'e tsjerken - Inventarisatie Friese kerken (2009).pdf8.02 MB
Slopen in krimpgebieden - Uitdunnen en opwaarderen (W. Jorritsma, 2010).pdf6.33 MB