Naar de navigatie

Begripsdefinities

Het belangrijkste onderscheid dat gemaakt wordt in de Wet geluidhinder is het verschil tussen geluidgevoelige bestemmingen en niet-geluidgevoelige bestemmingen. Onder geluidgevoelige bestemmingen vallen de volgende objecten:

  • Woningen. Gebouwen die voor bewoning gebruikt worden of daartoe bestemd zijn.
  • Geluidgevoelige terreinen. Terreinen die behoren bij andere gezondheidszorggebouwen dan algemene, categorale en academische ziekenhuizen, evenals verpleeghuizen, voor zover deze bestemd zijn of worden gebruikt voor de in die gebouwen verleende zorg, of woonwagenstandplaatsen.
  • Andere geluidgevoelige gebouwen. Onderwijsgebouwen (delen van het gebouw die niet zijn bestemd voor geluidgevoelige onderwijsactiviteiten maken voor de toepassing van de Wgh geen deel uit van een onderwijsgebouw - per 15-7-2009, hiervoor gold dit laatste alleen voor een gymnastieklokaal); ziekenhuizen en verpleeghuizen; andere gezondheidszorggebouwen dan ziekenhuizen en verpleeghuizen die zijn aangegeven in het Besluit geluidhinder (Bgh).

Andere gezondheidszorggebouwen zijn:

  • verzorgingstehuizen
  • psychiatrische inrichtingen
  • medische centra
  • poliklinieken
  • medische kleuterdagverblijven

Alle voorgaande bestemmingen worden in de Wet geluidhinder als geluidgevoelig getypeerd. Dit betekent dat alle andere bestemmingen dan deze te typeren zijn als niet-geluidgevoelig. In deze categorie neemt een aantal objecten een bijzondere positie in. Hun aanduiding als niet-geluidgevoelig is door jurisprudentie tot stand gekomen. Het gaat hier onder andere om kinderdagverblijven, vakantiehuizen/recreatiewoningen, hotels/motels.

Een ander belangrijk begrip dat in de Wet geluidhinder voorkomt is 'gevel'. Een gevel is de constructie die binnen en buiten scheidt. Een gevel waarin geen te openen delen zijn wordt een blinde of een dove gevel genoemd. Deze worden in de Wet geluidhinder specifiek genoemd als zijnde geen gevel. Ze behoeven vanuit de Wet geluidhinder geen toetsing.