Naar de navigatie

Mariakerk, Deventer

De Mariakerk is gebouwd in het verlengde van de zijbeuk van de Lebuïnuskerk. Nadat er werd besloten om geen kerkvieringen meer in de kerk te houden heeft de kerk verschillende functies gekend. Sinds 2001 wordt de ‘zaal’ incidenteel gebruikt voor wat grotere evenementen en feesten. Er wordt momenteel gezocht naar mogelijkheden voor een (financieel) gezond en duurzaam gebruik.

Opgave

De Mariakerk, ook wel Onze-Lieve-Vrouwekerk genoemd, maakte vanaf eind 13e eeuw deel uit van de toen gebouwde Maria- en Lebuïnusbasiliek. Toen de Mariakerk begin 16e eeuw afgesplitst werd van de Lebuïnuskerk is er een nieuwe Mariakerk gebouwd. De Mariakerk werd gebouwd in het verlengde van de zijbeuk van de Lebuïnuskerk. In 1591 is er besloten om geen kerkvieringen meer te houden in de Mariakerk. De calvinisten kwamen even daarvoor aan de macht in Deventer en vier kerken waren voor hun te veel. De Mariakerk is deels gesloopt (noorderzijbeuk) en het middenschip is ontdaan van het dak (nu binnenplaats). De zuiderzijbeuk is in 1647 in gebruik genomen als arsenaal. De bouwval van de kerk is in 1836 aan het Rijk overgegaan. Na de Tweede Wereldoorlog was er geen belangstelling meer voor de bouwval en is de bouwval sinds 1955 in eigendom van de gemeente Deventer. 

Na 1955 is de zuiderzijbeuk in gebruik geweest door de brandweer en later ook als opslagplaats. Ten slotte stond het resterende deel van de Mariakerk lange tijd leeg.

Aanpak

De Mariakerk is sinds 2001 geëxploiteerd door de ondernemers Jan Kuiper en Willem IJzerman. De ‘zaal’ wordt incidenteel gebruikt voor wat grotere evenementen en feesten (±400 personen).

De drie partijen die de Mariakerk, de Lebuïnuskerk en –toren in eigendom hebben, verkennen gezamenlijk de mogelijkheden voor een (financieel) gezond en duurzaam gebruik. De Mariakerk staat weer op de herbestemmingsagenda.

Ontwerp

Hoofdvorm & interieur

De bouwval van de Mariakerk bestaat uit de zuiderzijbeuk en het dakloze middenschip, de binnenplaats.

De zijbeuken van de Maria- en Lebuïnuskerk liggen in elkaars verlengde en worden met een doorgang in de muur aan de oostzijde van de zuidbeuk van de Mariakerk met de noordbeuk van de Lebuïnuskerk verbonden. Sinds 1994 is deze doorgang geopend.

Aan de zijde van het Grote Kerkhof staan de zogenaamde Heilige Maegdenhuisjes. In de eerste helft van de 16e eeuw zijn de kleine huisjes tegen de zuidgevel aangebouwd voor bejaarde vrijsters of weduwen.

Valkuil

De exploitatie is voor ondernemers Kuijper en IJzerman een probleem omdat er geen toestemming is om ook ’s avonds open te zijn (bron: deStentor, 2008).

Meer informatie